Elektronische communicatie kan gecontroleerd worden door werkgever

Door Thomas Baudewijn op 21 januari 2016
Texting

Vorige week kwam het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) met een arrest dat behoorlijk wat aandacht heeft gekregen in de media. Het Hof had in haar arrest beslist dat een werkgever onder bepaalde omstandigheden de elektronische communicatie van zijn werknemers mag controleren. Echt wereldschokkend is dat nochtans niet.

Het is duidelijk dat een werkgever principieel de privacy van diens werknemers dient te respecteren. Maar er bestaat natuurlijk meer in het leven dan de bescherming van de persoonlijke levenssfeer alleen. In België kan een werkgever dan ook overgaan tot het controleren van de elektronische communicatie van zijn werknemers als hij daarvoor ofwel de toestemming van de werknemer heeft verkregen of wanneer hij een eigen belang kan inroepen.

Bovendien kan een werkgever zich richten tot CAO nr. 81 waarin verder wordt verduidelijkt hoe het finaliteits-, proportionaliteits- en transparantiebeginsel moet worden ingevuld wanneer de werkgever overgaat tot controle. De vraag is dus niet of het toegelaten is, maar eerder onder welke omstandigheden het geoorloofd is te controleren.

Het EHRM diende zich uit de spreken over een Roemeense zaak. Een zekere Bogdan Mihai Bărbulescu had op verzoek van zijn baas een Yahoo Messenger account aangemaakt om zo te kunnen chatten met de klanten. Toen na controle aan het licht kwam dat Bărbulescu deze account ook voor persoonlijke doeleinden had gebruikt werd deze prompt ontslagen. Op grond van een intern reglement was het namelijk verboden om bedrijfsmiddelen voor persoonlijke zaken te gebruiken.

Dat was volgens Bărbulescu strijdig met het artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens:

Een ieder heeft recht op respect voor zijn privé leven, zijn familie- en gezinsleven, zijn woning en zijn correspondentie (…)

Volgens het EHRM is echter niets is minder waar. Het is niet onredelijk dat een werkgever wenst te controleren of zijn werknemers tijdens de werkuren inderdaad bezig zijn met werk en bovendien lag het niet in de lijn van de verwachting dat persoonlijke berichten zouden worden aangetroffen in de Yahoo Messenger account. Bovendien werden tijdens de nationale procedure geen inhoudelijke details van de berichten gebruikt en stelde men enkel vast dat de berichten tijdens de werkuren werden verstuurd.

Op grond van dit alles besluit het EHRM dan ook dat een correct evenwicht is gevonden tussen enerzijds de bescherming van de persoonlijke levenssfeer de en de belangen van de werkgever.

Problemen met deze uitspraak zijn er dan ook niet. Het Hof heeft hier zeker niet de deur wagenwijd opengezet om werkgevers onbeperkt toe te laten elektronische communicatie te controleren. Een werknemer die persoonlijke accounts gebruikt voor persoonlijke berichten zonder dat het werk daar onder te lijden heeft, kan op beide oren blijven slapen.

Reactie toevoegen

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
Bij het indienen van dit fomulier gaat u akkoord met het privacybeleid van Mollom.