merken

Collectieve merken

Door Thomas Baudewijn op 22 oktober 2014

Een collectief merk dient om gemeenschappelijke kenmerken aan te duiden van waren en diensten die afkomstig zijn van verschillende ondernemingen. Een voorbeeld hiervan is het merk keurslager dat enkel wordt toegekend aan slagers die aan bepaalde eisen voldoen.

De regels die van toepassing zijn op de individuele merken zijn eveneens van toepassing op de collectieve merken. Daarnaast bestaan er wel enkele specifieke regels die hieronder kort worden toegelicht.

Overdracht en licentie

Door Thomas Baudewijn op 22 oktober 2014

Overdracht

De overdracht van een merk houdt in dat het merk het vermogen van de merkhouder verlaat en een nieuwe eigenaar krijgt. Een dergelijke overdracht moet in het register worden opgetekend en is onderworpen aan een aantal beperkingen.

Enerzijds dient een overdracht onder levenden steeds schriftelijk te worden vastgesteld en moet deze betrekking hebben op het volledige grondgebied van de Benelux.

Daarentegen kan een merk wel los van de onderneming worden overgedragen kan de overdracht betrekking hebben op alle waren en diensten dan wel een deel ervan.

Nietigheid

Door Thomas Baudewijn op 22 oktober 2014

Indien het merk niet beantwoordt aan de geldigheidsvereisten kan het worden nietig verklaard. De nietigheid verschilt van het verval doordat de nietigheid retroactief terugwerkt. Dit betekent dat in geval van nietigheid het merk geacht wordt nooit te hebben bestaan zodat het nooit enige rechtgevolgen kon hebben teweeggebracht.

Nietigheid kan zodoende worden gevorderd indien het merk:

Verval

Door Thomas Baudewijn op 22 oktober 2014

Aflopen van de beschermingsduur

Eenmaal de geldigheidsduur van het merk is versteken en geen tijdige vernieuwing werd gevraagd komt het merk te vallen.

Verval en nietigheid

Door Thomas Baudewijn op 22 oktober 2014

Eenmaal een merk is geregistreerd betekent dit niet dat het merk vanaf dan onaantastbaar is tot wanneer de geldigheidsduur is verstreken. Wel integendeel kan het merk omwille van verschillende redenen ophouden te bestaan.

Meer in het bijzonder kan een merk komen te vervallen of kan het nietig worden verklaard. In dit laatste geval wordt het merk geacht nooit te hebben bestaan wat betekent dat de nietigheid terugwerkende kracht heeft, terwijl het verval van een merk enkel gevolgen heeft voor de toekomst.

Duur van de bescherming

Door Thomas Baudewijn op 22 oktober 2014

Een Benelux merk is geldig gedurende tien jaar, een termijn die begint te lopen vanaf de datum van depot. Dit is tevens het geval voor een Gemeenschapsmerk en een Internationale Inschrijving.

Bij het aflopen van deze termijn kunnen zij verlengd worden voor een nieuwe termijn van 10 en dit voor een onbeperkt aantal keren. De merkhouder kan zodoende zijn merk tot in de eeuwigheid in stand houden als hij dat zou willen.

Beperkingen en uitzonderingen

Door Thomas Baudewijn op 22 oktober 2014

Informatieve vermeldingen

Iedereen heeft het recht om in het economisch verkeer bepaalde vermeldingen te gebruiken voor zover dit beantwoordt aan een eerlijk gebruik en men zich zodoende loyaal opstelt ten overstaan van de merkhouder.

Het betreft meer in het bijzonder de volgende vermeldingen:

Ander gebruik

Door Thomas Baudewijn op 22 oktober 2014

Zoals reeds vermeld kunnen de bovenstaande rechtsgronden enkel worden ingeroepen door de merkhouder indien de vermeende inbreukmaker het teken gebruikt ter onderscheiding van waren en diensten. Om de merkhouder toch de mogelijkheid te geven tegen andere vormen van gebruik op te treden werd een bijkomende rechtsgrond voorzien in de wet.

Meer in het bijzonder kan de merkhouder optreden tegen deze andere vormen van gebruik indien hij kan aantonen dat hij hier mogelijk schade van ondervindt, zelfs bij gebruik buiten het economisch verkeer.

Bekend merk

Door Thomas Baudewijn op 22 oktober 2014

Eenmaal een merk een zekere mate van bekendheid heeft verworven bij het relevante publiek kan de merkhouder zich beroepen op een bijkomende rechtsgrond. Deze laat toe dat er eveneens wordt opgetreden tegen een identiek of overeenstemmend teken dat al dan niet voor soortgelijk waren of diensten wordt gebruikt op voorwaarde dat de merkhouder hierdoor (risico op) schade ondervindt.

Verwarringsgevaar

Door Thomas Baudewijn op 22 oktober 2014

Om deze rechtsgrond hard te maken zal de merkhouden moeten aantonen dat (i) het teken identiek of gelijkend is aan zijn merk, (ii) dat de waren of diensten identiek of soortgelijk zijn en (iii) dat er sprake is van verwarringsgevaar.

De toepassing hiervan is een pak ruimer dan de voorgaande rechtsgrond aangezien hij de merkhouder eveneens toelaat om op te treden tegen overeenstemmende tekens en soortgelijke waren en diensten in plaats van enkel identieke. Dit maakt de bewijslast wel zwaarder en bovendien moet eveneens het verwarringsgevaar bewezen worden.